
Verwijder de infraroodverwarmers niet uit hun houder: een gids voor de juiste afstand tot het plafond
Als je infraroodverwarmers in een omkleedruimte of op een terras wilt plaatsen, kun je ze niet zomaar aan de muur bevestigen en klaar zijn. Je moet rekening houden met waar de warmte naartoe gaat.
Deze lampen verwarmen namelijk niet alleen de lucht, zoals een gewone ruimtetemperatuurregelaar doet. Ze stralen warmte rechtstreeks uit naar waar ze op gericht zijn. Maar als je ze te dicht bij het plafond plaatst, ontstaat er een soort ‘warmtestrap’.
Het probleem van de ‘dode zone’
Wanneer je gebruikmaakt van een verwarmer met een hoge vermogenssterkte, gaat de warmte niet alleen naar beneden. Een deel van de warmte stroomt ook omhoog of dringt door in de behuizing. Als de afstand tussen de verwarmer en het plafond te klein is, blijft de warmte vastzitten. Hierdoor ontstaat een ‘dode zone’.
Het gevolg? Het plafond wordt extreem heet, terwijl je voeten nog steeds koud blijven. En als het plafond van hout of plastic is, bestaat er een groot risico dat het materiaal beschadigt raakt. Om dit te voorkomen, raden we aan om minstens 18 tot 24 inch ruimte te laten tussen de verwarmer en het plafond, afhankelijk van de vermogenssterkte van de unit.
Laat er ruimte voor de lucht
Kortegolffverwarmers zijn fijn omdat ze snel warmte verspreiden. Zodra je een koude ruimte binnentreedt, voel je meteen de warmte. Maar deze intensiteit heeft ook nadelen: de behuizing wordt erg heet.
Je hebt voldoende ruimte nodig zodat de lucht goed kan circuleren en de warmte weg kan worden gevoerd. Het is verleidelijk om de verwarmer erg dicht bij het plafond te plaatsen wanneer je weinig ruimte hebt. Doe dit echter niet. Als de verwarmer te dicht bij het plafond zit, werkt hij harder dan nodig is, waardoor de elementen snel verslijten.
Vind het juiste evenwicht
Het gaat om een balans vinden. Als je de verwarmer te hoog plaatst, bereikt de warmte wel meer plekken, maar dan verliest de warmte al snel haar kracht voordat ze de vloer bereikt. Die ‘coöze, warme sfeer’ verdwijnt dan.
Maar als je hem te laag plaatst, ontstaan er irritante hete plekken. Hierdoor kan één persoon zich heerlijk voelen, terwijl degene naast hem het ijskoud heeft. Je moet dus een middenweg vinden. Pas de afstand tot het plafond aan, zodat de warmte op de gewenste manier wordt verspreid en het hele systeem stabiel en comfortabel blijft.